verhalen

Interview: eenzaamheid


Maatschappelijk werker Rianne Boerefijn: ‘We zien dat veel vrouwen in de prostitutie niet van Nederlandse komaf zijn. Ze spreken de taal niet, zijn niet bekend met onze maatschappij en hoe de dingen hier geregeld worden. Dat maakt dat ze geïsoleerd raken.’


Bij een intakegesprek met een cliënt gaat een van de vragen over het sociale netwerk. ‘De vrouwen kloppen altijd met een probleem bij ons aan. In zo’n intakegesprek proberen we te achterhalen waar het probleem zit en hoe we het kunnen oplossen. We vragen ook altijd naar het sociaal netwerk. Dit kun je breed opvatten. Bij wie woon je, waar is je familie en heb je vrienden? Kortom, heb je een netwerk waar je op terug kunt vallen?’

Aan een steunend netwerk is vaak gebrek. Angst om tegen familie en vrienden de waarheid te vertellen, zorgt dat vrouwen een dubbelleven leiden. ‘We zien vaak dat vrouwen alleen contact hebben met de bordeelhouders, andere vrouwen in de straat en klanten.’

Maar waarom zijn de contacten in de straat geen steunend netwerk en hoe bouw je een goed netwerk op? Rianne: ‘Natuurlijk zie we ook wel eens dat de ene cliënt een andere vrouw doorverwijst naar ons. Dat kan heel goed zijn. Maar wij hopen natuurlijk dat een vrouw op een gegeven moment de keuze kan maken om ander werk te doen. Dan is het heel fijn dat je niet afhankelijk bent van de contacten in de straat. Dat maakt je kwetsbaar.’

Rianne praat verder over het intakegesprek: ‘De eerste hulpvraag gaat zelden over het sociaal netwerk. Vaak gaat het in eerste instantie om problemen op gebied van financiën of huisvesting. Meestal zijn vrouwen niet direct op en over het feit dat ze eenzaam zijn. Dat is moeilijk om toe te geven.’

Na het intakegesprek is voor Rianne duidelijk op welke gebieden extra aandacht nodig is: ‘Deze gebieden houd ik in mijn achterhoofd. Vaak zoek ik naar momenten waarop ik hiernaar kan vragen. Maar dat kan heel lastig zijn. Vrouwen voelen zich kwetsbaar en zijn niet open over veel zaken. Het vraagt veel vertrouwen en moed. Dat vertrouwen moet je opbouwen. Dit verschilt natuurlijk ook per cultuur. De ene cultuur is meer gesloten dan andere culturen. Soms zie ik dat een cliënt écht ergens mee zit, maar hier niks over wil vertellen.’

Stichting De Haven probeert op verschillende manieren te stimuleren om buiten de prostitutiestraten een sociaal netwerk op te bouwen. Rianne vertelt verder: ‘Als ik erachter kom dat een vrouw geen steunend netwerk heeft, stimuleer ik haar op verschillende manieren om een sociaal netwerk op te bouwen. Ik nodig haar uit voor het nazorgetentje of we koppelen haar aan een maatje van De Haven. Als een cliënt bewust zelf een netwerk wil opbouwen, kijken we samen naar wat bij haar past. Is ze bijvoorbeeld op zoek naar een kerk of een sportclub? Ook onderzoek ik als jobcoach mogelijkheden op werkgebied. Want een baan verbreed je wereld enorm. Zo begeleiden we vrouwen die een opleiding met baangarantie volgen en steunen we cliënten met een intensieve taaltraining. Kortom, we zijn voortdurend op zoek naar mogelijkheden die aansluiten bij de wens van onze cliënt en hopen dat ze zo een beter bestaan kan opbouwen voor zichzelf.